Hoewel je misschien weinig verschil merkt met de afgelopen dagen, is het toch echt weekend! Zet je virtuele docent op mute (ha, zijn de rollen een keer omgedraaid), pak een kopje thee en ga zitten voor wat goed leesvoer, geschreven door je mede-Aliassers. Deze week schrijft Phoenix over één van de bijwerkingen van sociale isolatie waar je weinig over hoort: het gemis van onbekende kennissen. 

Buiten tijden van social distancing zijn sociale netwerken uiterst divers. Er zijn veel manieren waarop mensen in elkaars leven kunnen voorkomen. Mensen zijn familie van elkaar, of collega’s, klasgenoten, vrienden, kennissen, geliefden, noem maar op. In mijn eigen leven onderscheid ik sinds een tijdje nog een categorie, namelijk die van onbekende kennissen. Dit begon toen ik een paar jaar geleden ging studeren in Hilversum, maar nog bij mijn ouders in Nijmegen woonde. Na een paar weken als forens te hebben doorgebracht kwam ik erachter dat de mensen met wie ik in de trein zat (en dan vooral na de overstap op Utrecht Centraal) elke dag dezelfde waren. Na een tijdje leek dit besef wederzijds te zijn geworden, en begonnen de reizigers mij te begroeten, en ik hen. Sommigen stapten bij mijn halte uit, anderen bleven zitten. In een lange stoet liepen we dan richting onze plaats van bestemming. Sommigen werkten bij de EO, die gevestigd is naast het gebouw waar ik studeerde, andere op een onbekende locatie verder dan mijn schoolgebouw. Ik wist precies wie waar moest zijn. Een enkele keer, na een uitgelopen schooldag, deelde ik ook de terugreis met deze onbekenden, en werd er wederom op discrete wijze gegroet. Ik merkte al snel dat, hoewel ik deze mensen geenszins kende, ik gesteld was op hun dagelijkse aanwezigheid. Nog sterker: toen mijn studie naar Utrecht verhuisde, en ik daar ging wonen, betrapte ik mezelf er soms op dat ik het leven als forens miste, en dan vooral de onbekende kennissen.

Ditzelfde gevoel bekroop mij afgelopen week weer. Immers: niet alleen als forens kan je onbekende kennissen hebben, maar ook als bewoner van een willekeurige stad. Sinds ik in Utrecht woon heb ik nieuwe onbekende kennissen gekregen. Die moet ik nu missen in tijden van Corona. Hoe is het, bijvoorbeeld, met de in het wit geklede oude man, die altijd met zijn camera door de stad loopt? Hoe is het met de militair die altijd met volledige uitrusting te pas en te onpas opduikt. Of met de afrikaanse zwerver die vaak een praatje komt maken, maar na verloop van tijd altijd vraag om een muntje “voor jonko toch”? Hoe vergaat het de djembé-speler die normaliter voor Hoog Catharijne zit? Of de visboer van de markt?

Ik ken ze niet, maar mis ze toch. Rare tijden… (sorry voor het cliché)

Phoenix Koolen